Archive for February 2009
Tramlijnen in Leiden: noorden
Om dit te kunnen volgen, moet je eerst de inleiding lezen, met het voorstel voor een tramnet in Leiden. De daarin voorgestelde stamlijn loopt van Station Lammenschans, door de binnenstad naar het station, en dan door Leeuwenhoek naar de Plesmanlaan. Hier worden de lijnen voorgesteld, die daarvan aftakken in noordelijke richting, naar Warmond en Sassenheim.
De lijn naar Sassenheim volgt een oude weg naar Haarlem, door oud-Oegstgeest, aan de rand van de huidige nieuwbouwwijk Haaswijk. (Vele oude wegen in dit gebied volgen de strandwallen, en lopen evenwijdig aan de kust). Het huidige centrum van Oegstgeest (23 000 inwoners) ligt verder naar het zuiden, in de zijstraten van de Geversstraat. De tramlijn naar Sassenheim zou daar, bij de rotonde, aftakken van de lijn naar Katwijk, langs de Rhijngeesterstraatweg. Verderop, na het Bos van Wijckerslooth, draait het naar rechts, om de woonwijk beter te kunnen ontsluiten. De eenvoudigste route, via Lange Voort en de Irislaan, is door de verbouwing van het winkelcentrum afgesloten. Met een korte doorbraak (enkele woningen), kan de lijn wel de Irislaan bereiken via de Floralaan – en zo niet, dan via de Kennedylaan.
De lijn kruist het Oegstgeesterkanaal naar de nieuwbouwwijk Haaswijk. Via de Haaswijklaan komt het terug bij de oude Haarlemmerstraatweg. De A44 is naast deze oude weg aangelegd. De tramlijn kruist de snelweg in tunnel, en loopt naast de A44 aan de noordzijde. Na een brug over de Haarlemmertrekvaart, komt het zodoende weer terecht op de oude weg over de strandwal, richting Sassenheim (15 000 inwoners). Bij het industriegebied Sassenheim-Zuid kruist het de spoorlijn Leiden-Haarlem – hiervoor is een nieuwe brug nodig. Het gaat verder over de Rijksstraatweg en de Hoofdstraat, en dan om de dorpskern heen, via de Parklaan en Van Pallandtlaan. Het eindigt aan de noordrand van Sassenheim, of mogelijk bij een nieuw station Sassenheim, op een verplaatste Bollenstreek-lijn.
De lijn naar Warmond via Oegstgeest takt eerder af van de lijn naar Katwijk – bij de Warmonderweg, ook de gemeentegrens van Leiden. Het gaat verder over deze oude weg – dat ook een strandwal volgt – naar
Warmond (5 000 inwoners). De weg is tamelijk breed en recht: aan de oostkant is er veel groen (Leidse Hout, Kasteel Oud-Poelgeest), en niet zoveel bebouwing.
Bij de Leebrug kruist ook deze lijn het Oegstgeesterkanaal, en gaat dan onder de viersporige spoorlijn. Tot 1952 lag hier Station Warmond: heropening zou moeilijk zijn, want het ligt dicht bij de splitsing van de Schiphollijn en de Haarlem-lijn. In de oude dorpskern worden de tramsporen mogelijk verdeeld over de Herenweg en Sweilandstraat: verder zijn er geen problemen met de inpassing.
De lijn gaat verder over de oude Herenweg, richting Sassenheim. Het moet zowel de Schiphollijn als de A44 kruisen, die hier naast elkaar lopen. Er zijn ook plannen voor een nieuw Station Sassenheim aan de Schiphollijn, maar een station aan een verplaatste Bollenstreek-lijn is waarschijnlijk een betere optie. De tramlijn kan gebruik maken van de bestaande weg over de A44 (afrit 4), of een verbrede Wasbeeklaan (met een doorsteek naar het sportcentrum / scholengemeenschap). Beide opties bereiken het tracé van de lijn uit Oegstgeest (zie boven), en beide tramlijnen kunnen een eindpunt delen. Mogelijk is ook, dat de lijn uit Warmond doorgetrokken wordt, naar een toekomstig station aan de zuidkant van Sassenheim (aan een verplaatste Bollenstreek-lijn).
De tweede lijn naar Warmond loopt via Merenwijk, een laagbouwwijk uit de jaren ‘70 en ‘80, met 15 000 inwoners. Blijkbaar was het ooit de bedoeling, om via de VINEX-wijk Poelgeest , de Leidse binnenstad met Warmond te verbinden. De niet afgebouwde ‘noord-zuid as’ door de wijk, de Thijssenlaan, wordt tegenwoordig als langgerekt parkeerterrein gebruikt. (De foto is gedraaid, zodat deze horizontaal staat). Een tramlijn over dit tracé vereist een tunnel onder de spoorlijn en de Haarlemmertrekvaart: het zou iets korter zijn, maar in alle andere opzichten is een tracé via de westrand van Merenwijk een betere optie.
De Merenwijk-lijn zou van de stamlijn aftakken bij Station Leiden. Het loopt naast het spoor over de Schipholweg, en draait naar de Willem de Zwijgerlaan. Een halte daar bedient de wijk Groenoord, en het terrein ‘Groenoordhallen’. De hallen, een oude veemarkt, worden sowieso gesloopt, en de omgeving hier wordt flink verbouwd. De tramlijn gaat via de Gooimeerlaan, en volgt deze tot aan de spoorlijn, aan de rand van Merenwijk. Een station hier, dat ook Poelgeest zou bedienen, werd telkens uitgesteld, en daarmee ook een geplande tunnel onder de spoorlijn. Het station is geen voorwaarde voor de tramlijn, de tunnel wel – om een randligging te vermijden. De tramlijn gaat verder naast het spoor, tot aan de Herenweg in Warmond. Omdat de ruimte hier beperkt is, zou het eindpunt desnoods verderop liggen, bij de brandweer.
Gemeten van Station Leiden, is de lijn via Haaswijk naar Sassenheim (Pallandtlaan) 11 km lang. De lijn via Warmond en de Wasbeeklaan naar de Pallandtlaan is, vanaf het station, 10,5 km lang. De kortere lijn naar Warmond via Merenwijk is 4,5 km lang.
Tramlijnen van Leiden naar de kust
Het voorstel voor een tramnet in Leiden verwerpt het opzet van de RijnGouwelijn, namelijk een enkele sneltramlijn van Gouda naar Katwijk en Noordwijk. In plaats daarvan zou het stadstraject van de RijnGouwelijn als stamlijn dienen, voor een tiental tramlijnen. De lijnen naar het zuidwesten zijn al eerder beschreven. Het voorstel hier combineert delen van de RijnGouwe-tracés met een oud tramtracé, tot twee verschillende lijnen. Een snelle tramlijn – vergelijkbaar met lijn 26 in Amsterdam – gaat naar Noordwijk, en een stadstram naar Katwijk. Bovendien zou een nieuwe spoorlijn van Voorhout naar Noordwijk de hoofdverbinding met Leiden vormen: de tramlijn kan zich meer richten op lokaal vervoer.
De stamlijn in Leiden zelf loopt van Station Lammenschans, door de binnenstad naar het station, en dan door Leeuwenhoek (campus-zone), tot aan de Plesmanlaan. Daar begint de lijn naar Noordwijk via Valkenburg. Het geplande tracé door Leeuwenhoek kan waarschijnlijk verbeterd worden (zwart-rode lijn), zodat de trams rechtdoor rijden naar de Plesmanlaan, in plaats van een bocht te maken bij het Sportcentrum.
Van hier tot Noordwijk zou de snelle tramlijn het tracé volgen van ‘Alternatief 1 RijnGouwelijn’ zoals beschreven in de “Publieksversie Tracénota/MER 2 fase” (2008). Deze is te downloaden op de RijnGouwelijn website. Het tracé volgt de N206, met een halte bij Valkenburg, een voormalig Romeins fort. Bij Molenwijk verlaat de lijn de N206, en gaat verder aan de westkant van de nieuwbouwwijk Zanderij. Het loopt daar aan de rand van de duinen, maar het kan daarmee goed aansluiten op de Julianlaan in Katwijk aan Zee. Bij het gemeentehuis kruist het vervolgens de Zeeweg, dat gebruikt zou worden door de tweede tramlijn naar Katwijk (via Rijnsburg). Katwijk aan Zee heeft (inclusief de wijken ten noorden van het Uitwateringskanaal) ongeveer 34 000 inwoners
De Noordwijk-lijn gaat rechtdoor over de Julianlaan en de Biltlaan, precies evenwijdig aan de kust. Het volgt de Zwarteweg en de Herenweg naar Noordwijk (25 000 inwoners). De kortste route naar het strand is via de Beeklaan en De Grent, maar een tracé via de Lijnbaanweg en Nieuwe Zeeweg geeft een betere aansluiting van zowel Noordwijk-Binnen als Noordwijk aan Zee – en ook op een eventuele spoorlijn uit Voorhout. De tramlijn kan verder over de Parallel Boulevard, naar de noordrand van Noordwijk aan Zee.
De lijn via Rijnsburg naar Katwijk zou beginnen bij het academisch ziekenhuis LUMC, achter Station Leiden, en gaat verder via Oegstgeest en Rijnsburg. Afhankelijk van tracé en halte bij het LUMC, kan de lijn mogelijk tussen de kantoorgebouwen door, naar de Rijnsburgerweg (met de sloop van één woning). Vanaf de rotonde gaat het verder langs de Leidse Straatweg, naar de dorpskern van Oegstgeest. Bij de rotonde daar, draait het naar de Rijnzichtweg, en volgt deze onder de A44. De lijn gaat verder over de Rijnsburgerweg, Het loopt vlak langs de historische dorpskern van Rijnsburg (15 000 inwoners), en verder over de Oegstgeesterweg en de Sandtlaan.
Na de brug over de Oude Rijn, gaat de lijn rechtdoor over de Molentuinweg, en dan naar rechts over de N206. Dit tracé ligt aan de westkant van de oude dorpskern van Katwijk aan den Rijn (6 000 inwoners), maar bijna alle bebouwing ligt binnen 500 m. Met twee haltes, aan de Rijnstraat en Zanderijweg, is het dorp goed bereikbaar. Bij de Zeeweg, draait de lijn naar links, en gaat rechtdoor richting strand. Bij het gemeentehuis kruist het de Noordwijk-lijn. (Vanaf de Molentuinweg is dit ook het voorkeurstracé, voor de Katwijk-tak van de RijnGouwelijn).
Beide lijnen maken vooral gebruik van hoofdwegen – zeker in Katwijk breed opgezet. Ook in Noordwijk zijn de wegen breed genoeg, al slingert het tracé. Met twee tramlijnen heeft Katwijk overigens zelf een eenvoudig tramnet, dat mogelijk later uit te breiden is, met een derde lijn.
Tramlijnen in Leiden: zuidwesten
In de eerdere inleiding, werd het voorstel gedaan voor een tramnet in Leiden. Daar werd ook de stamlijn beschreven: van Station Lammenschans, door de binnenstad naar het station, en dan door Leeuwenhoek, tot aan de Plesmanlaan (bij de kruising met de Haagse Schouwweg). Hier worden de lijnen voorgesteld, die daarvan aftakken in zuidwestelijke richting, naar Wassenaar en Voorschoten.
De voorgestelde lijn naar Voorstoten is een verlenging van de stamlijn, langs de Lammenschansweg, voorbij Station Lammenschans. Aan het einde van de Lammenschansweg kruist het de Trekvliet op een nieuwe brug, en gaat verder langs de Voorschoterweg. Het kruist de Korte Vliet, en gaat recht door, over wat hier de Leidseweg heet, naar de dorpskern van Voorschoten. De lijn passeert de oude kern langs de Julianalaan, en bereikt Station Voorschoten via de Wijngaardenlaan. De wegen zijn breed: er is een dubbele bocht bij het Raadhuis, maar verder zal de inpassing geen probleem zijn. De lijn bedient alle wijken van Voorschoten (23 000 inwoners), behalve Starrenburg en Noord-Hofland.
De lijn naar Wassenaar begint aan de andere kant van de stamlijn, bij de kruising met de Plesmanlaan. Afhankelijk van het tracé door Leeuwenhoek, gaat de tramlijn rechtdoor of naar links, in elk geval naar de de Haagse Schouwweg. Het kruist de Oude Rijn, en loopt evenwijdig aan de A44, over de Stevenshofdreef, de Kenauweg, en de Hadewijchlaan. Vandaar gaat het het in tunnel onder de A44, naar het voormalige tracé van de interlokale tram Den Haag – Wassenaar – Leiden – de Gele Tram. (Het tracé heet nog Oude Trambaan, en is in gebruik als fietspad). De lijn gaat door het buurtschap Maaldrift, dat vooral bestaat uit een opslagterrein van Defensie, en recht door over de Deijlerweg. Deze draait naar het noordwesten (haaks op de kust), en heet dan de Van Zuylen van Nijeveltstraat. Het kruist de Prinsenweg: verderop ligt de straat op slechts 300 m van de dorpskern. De lijn zou eindigen bij de Mansveltkade, aan de rand van de Wassenaarse bebouwde kom.
Beide lijnen zijn 8 km lang, van het eindpunt tot Station Leiden: dat is een normale lengte voor een stadstramlijn. De twee lijnen lopen deels evenwijdig, en dat is geen toeval. Veel van de nederzettingen in dit gebied zijn ontstaan op strandwallen, die evenwijdig aan de kust lopen. De wegen volgen deze assen, of staan daar haaks op: ook in het stratenpatroon van Den Haag is dit zichtbaar. De doorgaande straten in Wassenaar liggen in het verlengde van de straten in Den Haag, en lenen zich dan ook voor doortrekking van een Haagse tramlijn. Deze zou in elk geval de Prinsenweg volgen, en geeft dan overstap op de tramlijn naar Leiden. (Het verbinden van twee stadslijnen is geen goede idee, het zou de kans op vertragingen verhogen). Een verlenging van de Voorschoten-lijn is ook denkbaar, van Station Voorschoten naar Wassenaar over de Papelaan / Papeweg. De lijn kan via het eerste stuk van de Van Zuylen van Nijeveltstraat lopen (tot aan zijn aansluiting met de Deijlerweg).
Tramlijnen in Leiden
Het vaak vertraagde project RijnGouwelijn kent een kort stadstraject in Leiden, maar bestaat vooral uit de inzet van sneltram-voertuigen, op de bestaande spoorlijn naar Gouda. Een toekomstige verlenging, naar Katwijk en Noordwijk, zou dan als sneltram uitgevoerd worden. Hier wordt een volledig tramnet in de agglomeratie Leiden voorgesteld, dat juist geen gebruik maakt van de spoorlijn naar Gouda (of elders). Die lijn wordt dan eerder geïntegreerd met de geplande Stedenbaan vanuit Dordrecht. Enkele nieuw stations zouden ook door de tramlijnen bediend worden.
Leiden telt 117 000 inwoners, de Regio Holland-Rijnland bijna 400 000. De regio is de opsteller van het Regionaal Verkeers- en Vervoersplan (RVVP), met de RijnGouwelijn als enige tramproject. Leiden had vroeger zowel een stedelijk tramnet, als interlokale tramlijnen. De meesten zijn aangelegd door de NZH, dat begon met de stoomtram Haarlem – Leiden in 1881. De lijnen, bekend als de Blauwe Tram, bereikten ook Katwijk aan Zee (1881), Noordwijk aan Zee via Rijnsburg (1885), en Den Haag via Leidschendam (1924). Begin 20ste eeuw liepen stadstramlijnen van Station Leiden naar Plantage, Haarlemmerstraat, en Oegstgeest (Endegeest), en ook van Plantage tot Hooge Rijndijk, en van Rijndijk tot Oegstgeest (Kerkbuurt). Vanuit Dan Haag liep een interlokale tram van de HTM, via Wassenaar, naar Leiden (Gele Tram, 1925).
Station Leiden ligt op de Oude Lijn Amsterdam – Rotterdam (1847). In 1878 kreeg het een verbinding met Utrecht, over de enkelsporige spoorlijn Leiden – Alphen – Woerden. Over deze lijn rijdt tegenwoordig een “Intercity” – al stopt deze op bijna alle stations, en doet het er 46 minuten over de 49 km. Bij Alphen aan den Rijn begint de enkelsporige spoorlijn Alphen – Gouda (17 km, 1934).
De RijnGouwelijn bestaat voorlopig uit de lijn Alphen – Gouda, met medegebruik van de lijn Leiden – Alphen. In de uiteindelijk versie, zouden de sneltrams de spoordijk verlaten bij station Leiden Lammenschans, en door de binnenstad rijden, naar het station. Onenigheid over het tracé, vooral door de Breestraat, heeft de uitvoering herhaaldelijk vertraagd. In 2008 werd uiteindelijk gekozen voor een tracé via de Hooigracht en Langegracht: de werkzaamheden zullen pas in 2014 beginnen.

De rechthoekige oude binnenstad van Leiden is makkelijk herkenbaar: de singels zijn geheel bewaard. Het station ligt slechts 200 m van het noordwestpunt van de oude stad.
Het voorstel hier bestaat uit een stamlijn, dat gelijk is aan het stadstraject van de RijnGouwelijn. Het loopt van Station Lammenschans, door de binnenstad naar het station, en door Leeuwenhoek (Leiden Bio Science Park). Eén van de lijnen die daarvan aftakken, komt overeen met het voorkeurstracé voor de RijnGouwelijn naar de kust, en wordt meer als een sneltram uitgevoerd. De overigen worden als stedelijke tramlijnen uitgevoerd: het materiaal zou wel hetzelfde zijn. (Vergelijk lijn 26 in Amsterdam, met standaard Combino trams op een sneltram-traject). De voorgestelde tracés zijn deels oude tramlijnen, deels onderzochte opties voor de RijnGouwelijn, en deels geheel nieuwe voorstellen. Naast de radiale lijnen, komen er ook twee tangent-lijnen, die niet via de stamlijn rijden.
Voor deze lijnen maakt het niets uit, welk tracé wordt gevolgd door de binnenstad. Daarop is één uitzondering: een radiale lijn naar Station De Vink, via Noordeinde en de Haagweg, zou het beste op een tramlijn door de Breestraat aansluiten. Omdat deze lijn ook twee knelpunten vermijdt (brug bij de Turfmarkt, en een scherpe bocht aan het einde van de Breestraat), kan het ook naast een Hooigracht / Langegracht tracé uitgevoerd worden. Met slechts één lijn door de Breestraat, zijn er ook geen capaciteitsproblemen.
De stamlijn begint bij Station Lammenschans, waar de spoorlijn naar Alphen de Lammenschansweg kruist (op viaduct). De tramlijn volgt de Lammenschansweg richting binnenstad. Na de brug over de Singel, gaat het Breestraat-tracé (donkerrood) rechtdoor. Aan het einde van de Breestraat maakt het een scherpe bocht, en bereikt het station via de Beestenmarkt en Stationsweg. Het voorkeurstracé (rood) gaat iets naar links, via de Oranjeboomstraat naar de Hooigracht, en dan met een haakse bocht naar de Lange Gracht. Het bereikt Station Leiden via Molenwerf en Schuttersveld. (Beide varianten bereiken het stationsplein vanuit het noorden). De lijn gebruikt de bestaande Walenkamp-tunnel onder het spoor, en rijdt langs het academisch ziekenhuis LUMC. Het tracé door Leeuwenhoek volgt de Sandfortdreef, Zernikedreef, Einsteinweg, en Ehrenfestweg, tot aan de Plesmanlaan (bij de kruising met de Haagse Schouwweg). Het tracé door Leeuwenhoek is tamelijk bochtig, en kan mogelijk verbeterd worden (zwart-rode lijn), wellicht ook zonder sloop.
De lijn naar De Vink zou, komende vanaf de Breestraat, rechtdoor gaan langs Noordeinde. Met een halte bij het Kantongerecht, bedient het ook de universiteitsgebouwen aan de Witte Singel. Het rijdt verder over de Haagweg en de Waddingerbrug, en dan naast de spoorlijn naar Station De Vink. Dit tracé kruist de spoorlijn naar Alphen, maar deze zou toch in tunnel moeten (om twee overgangen en een lage brug over de Rijn te vervangen).
Afgezien van deze Vink-lijn, zouden ongeveer 10 lijnen aftakken van de stamlijn. Die lijnen worden apart beschreven:
- lijnen naar het zuidwesten (Voorschoten, Wassenaar)
- lijnen naar de kust (Oegstgeest, Rijnsburg, Katwijk, Noordwijk)
- lijnen naar het noorden (Oegstgeest, Sassenheim, Warmond)
- lijnen naar het oosten (Rijndijk, Leiderdorp)
Daarnaast zijn twee tangent-lijnen denkbaar, van Leiderdorp naar De Vink, en van Lammenschans naar Rijnsburg.
























