HSL-Oost Utrecht – Arnhem

De belangrijkste spoorverbinding Randstad – Duitsland is de spoorlijn Amsterdam – Elten uit 1845. De lijn Amsterdam – Utrecht is uitgebreid tot 4 sporen, en verbouwd voor 200 km/h. De lijn Utrecht – Arnhem is echter niet veel veranderd, sinds de elektrificatie in 1938. Een geplande HSL-Oost, naast de bestaande lijn, is in 2001 afgeblazen.

De eerder voorgestelde omlegging van de spoorlijn Utrecht – Arnhem naar De Uithof, en de omlegging van de spoorlijn Veenendaal – Ede, maken het mogelijk om het bestaande Rhijnspoorweg-tracé te benutten, voor een HSL tussen Utrecht en Arnhem. Uitvoering van die voorstellen is echter geen voorwaarde, voor een HSL op het bestaand tracé Utrecht – Arnhem. Hier worden vooral de aanpassingen aan het tracé beschreven, en zijn verhouding met de Uithof- en Veenendaal-tracés.

Klik om te vergroten: HSL in rood, verschoven tracés in wit/blauw…

HSL Utrecht - Arnhem

 
De HSL-Oost zou beginnen bij station Utrecht Centraal: volgens bestaande planning krijgen de ICE’s uit Duitsland daar een eigen perron. De huidige ICE-frequentie (elke twee uur) rechtvaardigt op zich geen HSL. Het voorstel hier is bedoeld voor alle snelle diensten tussen de Randstad en Arnhem / Nijmegen. (Dit in tegenstelling tot de HSL-Zuid, dat oorspronkelijk bedoeld was voor de TGV naar Parijs: de binnenlandse shuttle-treinen werden achteraf bedacht).

Bovendien zou de HSL-Oost, in deze versie, een aansluiting krijgen vanaf de richting Amersfoort, en een rechtstreekse verbinding naar Nijmegen, via de voorgestelde HSL Amersfoort – Wageningen – Nijmegen. Alle ‘Intercity’ treinen zouden dan via de nieuwe lijn rijden – en dat vereist dan ook HSL-materiaal. Ede-Wageningen verliest zijn Intercity-status (en heet in het vervolg slechts ‘Ede’). Eventueel kunnen sommige diensten uit Utrecht daar stoppen, door de HSL-sporen te verlaten aan de westkant van Ede.

De lijn tussen Utrecht Centraal een de rand van de stad wordt al verbouwd, met extra sporen en een ongelijkvloerse kruising bij Lunetten (lijn naar Den Bosch). Na de bouw van een lijn naar De Uithof, zou het bestaande tracé Lunetten – Driebergen in principe vrijkomen voor de HSL-Oost. Een derde spoor voor goederentreinen zal echter nodig zijn. (Zonder de lijn via De Uithof, moet dit gedeelte viersporig worden).

Tussen de A27 en de Kromme Rijn bij Bunnik, moeten de overwegen verdwijnen. Een spoortunnel door Bunnik zelf is waarschijnlijk niet nodig. De spoorlijn vormt de grens tussen wonen en industrie, en doorsnijdt geen woonwijk. De officiële planning voorziet hier een nieuwe autotunnel onder de spoorlijn (verlengde Baan van Fectio), met een fietstunnel ter vervanging van de overweg Groeneweg. Bij de bouw van en HSL, kan ook de overweg Stationsweg waarschijnlijk in tunnel. Met een nieuwe lijn naar De Uithof, zou Station Bunnik verdwijnen: in zijn plaats komt er een tram naar De Uithof.

Klik om te vergroten…

Maatregelen HSL Oost in Bunnik

 
Ten westen van Bunnik zijn er drie privé-overgangen: de lijn is dwars door de percelen gebouwd, en sneed boerderijen af van de velden. De eigenaar kreeg toen een overweg voor eigen gebruik, maar dat is niet langer verantwoord. De oplossing is meestal een nieuwe toegangsweg langs de lijn, eventueel ook met ruil van percelen. Dat geldt ook als dit gedeelte viersporig wordt.

De volgende openbare overwegen liggen bij de perrons van Station Driebergen-Zeist. Met de bouw van de lijn via De Uithof, en een nieuw station aan de rand van Zeist, wordt dit station een Randstadspoor-halte ‘Driebergen’. De lijn uit De Uithof sluit aan op het bestaand tracé, ongeveer 500 m vóór het station. Zoals in Bunnik, kan het station op maaiveld blijven. Drie onderdoorgangen zijn voldoende: de Odijkerweg, de Hoofdstraat /N225 (stippellijnen), en (iets verderop) de Arnhemse Bovenweg. Het station moet wel verbouwd worden, met twee HSL-sporen en twee sporen voor alle overig verkeer, wellicht ook een 5e spoor. Er is een strook van 60 m beschikbaar tussen de gebouwen. (Prorail plant hier een onderdoorgang voor de N225, maar blijkbaar niet voor de overige twee straten).

Klik om te vergroten…

HSL Oost Utrecht - Arnhem

 
Van Driebergen tot de aansluiting De Haar (km 61), deelt de HSL het tracé met de bestaande lijn. Het tracé moet verbreed worden, liefst tot 5 sporen. Tot aan Maarsbergen zijn er geen overwegen. In Maarn is gelijk met de bouw van de A12 de spoorlijn verhoogd, en het station verplaatst (het lag vroeger aan de westkant van de Amersfoortseweg). De bocht hier, waar de lijn de Amersfoortseweg kruist, moet wel verruimd worden. Daarvoor moet ook de A12 iets naar het zuiden verschoven worden, over misschien 800 m.

Klik om te vergroten…

HSL Oost Utrecht - Arnhem

 
In Maarsbergen daarentegen kan de lijn op maaiveld blijven: de Woudenbergseweg kan onder de lijn door, gelijk de officiële plannen van Prorail. De spoordijk is breed genoeg: hier stond vroeger Station Maarsbergen, dat mogelijk heropend kan worden.

Bij aansluiting De Haar, zouden alle regionale diensten het bestaande tracé verlaten. Ze zouden via een tunnel in Veenendaal naar Ede rijden. Het oude tracé is voor de HSL, maar ook voor goederen: daarom is minimaal een derde spoor nodig.

Het tracé tussen Maarsbergen en de rand van Ede, loopt door open agrarisch gebied. Er zijn slechts drie overwegen op doorgaande openbare wegen. Bij de Laagerfseweg kan de brug over de A12 verlengd worden, bij de Heuvelsesteeg is een onderdoorgang waarschijnlijk beter. De belangrijkste overweg is de N233 (Nieuweweg-Noord / Klompersteeg): hier kan de weg onder een nieuw viaduct, waarbij de bocht ook verruimd wordt.

Klik om te vergroten…

HSL Oost Utrecht - Arnhem

 
1000 m verderop, sluit Station Veenendaal-De Klomp: het wordt vervangen door drie nieuwe stations in Veenendaal zelf, 3 km naar het zuiden. Bij het station is de lijn al verhoogd.

Naast de openbare overwegen, zijn er tussen Maarsbergen en Ede enkele privé-overwegen, die de enige toegang vormen tot een boerderij. Ook hier is een nieuwe parallelweg de oplossing. Eén hoeve zit ingeklemd tussen spoorlijn, A12 en Verzorgingsplaats Oudenhorst, en moet een toegang krijgen vanaf de verzorgingsplaats. De twee overwegen aan de rand van Ede (Kade en Schabernausweg) liggen in een bedrijfsterrein (in ontwikkeling), en kunnen door bruggen vervangen worden.

In Ede zelf, na de A30, sluit de nieuwe lijn uit Veenendaal weer aan op het oude tracé, ter hoogte van de Marconistraat. Iets verderop krijgt de lijn een nieuw station voor regionale treinen, aan de Hakselseweg. Vanaf de aansluiting tot aan het station, moet de lijn minimaal viersporig. (Met parallelwegen aan beide kanten, is er een ruime strook beschikbaar). Er zijn twee onderdoorgangen in Ede: nog twee of drie zijn nodig, om alle overwegen te vervangen.

Regionale diensten uit de richting Utrecht zouden eindigen in Ede. Ook de agglomeratie-diensten (‘S-Bahn’) uit Arnhem, en een verbeterde Valleilijn uit Amersfoort zouden hier eindigen. (De doorgaande stoptreinen Utrecht – Arnhem verdwijnen). Het station moet daarvoor verbouwd worden: de doorgaande HSL-sporen krijgen juist geen perron. Eventueel kan de HSL hier op viaduct, om voldoende ruimte vrij te maken.

Klik om te vergroten… De voorgestelde stations in Ede, na de bouw van een nieuwe lijn Veenendaal – Ede.

Voorgestelde stations in Ede

 
Van Ede tot Arnhem wordt het tracé viersporig: twee snelle sporen, en twee voor een agglomeratie-dienst Arnhem – Ede, plus alle overig verkeer. (Ook eventuele snelle treinen, die de HSL-sporen verlaten om Ede te bedienen, gebruiken deze sporen voor de 17 km tot Arnhem). De spoorlijn loopt door heide en bos, met enkele overpaden, die makkelijk te vervangen zijn. Bij station Wolfheze is een grotere onderdoorgang nodig: van daar tot Arnhem is de lijn al kruisingsvrij. Op dit gedeelte hoeft geen enkele gebouw te wijken, voor uitbouw tot vier sporen. Het tracé is ook bijna kaarsrecht.

Tussen Oosterbeek en Arnhem, sluit de lijn uit Nijmegen aan, op het Rhijnspoorweg-tracé. De aansluiting is nu ongelijkvloers gemaakt d.m.v. een dive-under. Die is ontworpen voor het kruisingsvrij keren van de treinen van/naar Nijmegen. Dat zou juist overbodig worden, met de bouw van een HSL via Wageningen naar Nijmegen. De laatste 1500 m, tot aan Station Arnhem, moet daarom anders ingedeeld worden: het valt niet te zeggen, of de dive-under gehandhaafd wordt. Er is wel voldoende ruimte.

Aan de verbouwing van Station Arnhem is al jaren gewerkt: het krijgt vier eilandperrons. Dat moet voldoende zijn, voor alle denkbare verkeersstromen. Daarna begint echter een tweesporige flessenhals. De verhoogde lijn loopt door een woonwijk, aan de rand van het centrum. Uitbreiding tot 4 sporen is al jaren omstreden, en lijkt niet meer tot het beleid te horen. Het is echter een voorwaarde voor een HSL naar Oberhausen.

Van Utrecht Centraal naar Arnhem is het 57 km. De vergelijking met andere hogesnelheidslijnen laat zien dat een gemiddelde snelheid van boven 200 km/h haalbaar is. ICE Frankfurt Flughafen – Limburg Süd, bijvoorbeeld: gemiddeld 208 km/h over 59 km. Dat is op een geheel nieuwe HSL. De HSL-Oost volgt een bestaand tracé, maar het is opgebouwd uit rechte stukken. Alle 7 bochten, tussen Lunetten en Arnhem, kunnen verruimd worden. Daarom lijkt een lijnsnelheid (baanvaksnelheid) van boven 200 km/h mogelijk, met een gemiddelde snelheid van bijna 200 km/h, en zodoende een reistijd van 18-20 minuten.

HSL-Oost Utrecht – Arnhem

Stadstram in Ede

Dit voorstel is een logisch gevolg op de voorgestelde tramlijn Ede – Wageningen. Een C-vormige tramlijn in Ede zou gebruik maken van een deel van de tramlijn Ede – Wageningen, en daarbij drie stations bedienen.

Een nieuw station Ede-Centrum werd hier al eerder voorgesteld, als onderdeel van een verbeterde Valleilijn. Een nieuw station in Ede-West hoort bij de voorgestelde spoorlijn Veenendaal – Ede. Deze zou aantakken op de bestaande lijn Utrecht – Ede – Arnhem, met een extra station bij het huidige Industrieterrein Klaphek. Beide lijnen eindigen bij ‘Ede-Intercity’ (het huidige Station Ede-Wageningen).

Klik om te vergroten: tramlijn met de mogelijke vier stations in Ede…

De tramlijn met de mogelijke vier stations in Ede

De stad Ede is het regionaal centrum in de zuidelijke Gelderse Vallei, en heeft 68 000 inwoners. Dat zou, normaal gesproken, een tramnet niet rechtvaardigen. Maar, als er al tramsporen liggen op het tracé Telefoonweg / Stationsweg / Bennekomseweg, dan is het tracé makkelijk uit te breiden in het noorden en het zuiden.

Klik om te vergroten: het tracé binnen Ede van de tramlijn naar Wageningen…

Tramlijn Ede - Bennekom - Wageningen, tracé door Ede

De noordelijke tak zou afbuigen bij de Bibliotheek, op de hoek Molenstraat / Telefoonweg. De lijn volgt dan de Molenstraat en de Slotlaan, richting westen. Er komen haltes bij de Bibliotheek/Molen, ongeveer bij de Thomaslaan en Proosdijer Veldweg, bij Winkelcentrum Bellestein, en ongeveer bij Nijenhof.

De Slotlaan eindigt abrupt, in de nieuwbouwwijk Veldhuizen (misschien was het ooit de bedoeling om het door te trekken, naar de verlengde N30). De tramlijn zou hier naar het zuiden draaien, langs een groenstrook (met halte), en door volkstuinen en sportvelden (aan de Inschoterweg). Het kruist dan de spoorlijn Utrecht – Arnhem, naar Frankeneng. De noordtak eindigt op deze straat, bij de ingang van het voorgestelde station Ede-West (bijvoorbeeld op de hoek Galvanistraat / Frankeneng).

De zuidelijke tak zou beginnen bij Congrescentrum De Reehorst aan de Bennekomseweg, waar mogelijk een halte komt. De lijn gaat langs de rustige Reehorsterweg en Diedenweg, naar de bredere Tooroplaan. Evenals de Slotlaan, voert deze naar de nieuwbouwwijken aan de westkant van Ede: er komt een halte aan het einde van de Diedenweg. De tramlijn bedient in elk geval het nieuwe streekziekenhuis Gelderse Vallei. Het kan daar rechtdoor gaan, maar een betere optie is naar het zuiden, langs de Dreeslaan of de Willy Brandtlaan, naar Stadspoort. Dit winkelcentrum met kantoren ligt tussen de wijken Rietkampen en Maandereng in. De hele zuidtak (ten zuiden van het station) heeft slechts 3 tot 5 haltes.

Er ontstaat zodoende een lijn in de vorm van een omgekeerde C. De totale lengte bedraagt 9 km, met 13 tot 16 haltes. De afstand tussen haltes is dan gemiddeld 600 tot 750 m, vrij laag voor een nieuwe tramlijn. De tramlijn en de voorgestelde stations brengen een groot deel van de Edese bevolking binnen loopafstand van stedelijk rail-vervoer.

Stadstram in Ede

Tramlijn Ede – Wageningen

Hier wordt een tramlijn voorgesteld, dat Ede met Wageningen verbindt. Hier werden al eerder voorstellen gedaan, voor nieuwe en verbeterde spoorlijnen in de Gelderse Vallei. De bestaande lijn Utrecht – Veenendaal zou worden verschoven, en doorgetrokken naar Ede, en de Valleilijn Amersfoort – Ede wordt verdubbeld, en in Ede ondertunneld.

De voorgestelde hogesnelheidslijn Amersfoort – Nijmegen zou dwars door Wageningen lopen. Daar kruist het ook de voorgestelde regionale spoorlijn Arnhem – Tiel. Zo worden de individuele stations in de regio steeds belangrijker, en dat rechtvaardigt hoogwaardige lokale verbindingen.

Klik om te vergroten: HSL Amersfoort – Nijmegen kruist regionale lijn Tiel – Arnhem, in Wageningen…

Nieuwe regionale spoorlijn Arnhem - Wageningen - Tiel

Een tram Ede – Bennekom – Wageningen zou dus aansluiten, op Intercity- en Europese treinen. Ook de bevolking rechtvaardigt een tramlijn: de stad Ede heft 68 000 inwoners, Bennekom 15 000, en de universiteitsstad Wageningen 36 000. De tram kan ook in Ede zelf een rol spelen: de lijn naar Wageningen zou het begin vormen van een eigen stadstram. In mindere mate, zou de lijn een rol spelen binnen de bebouwde kom van Wageningen.

Klik om te vergroten: de tramlijn Wageningen – Bennekom -Ede…

Tram Ede - Bennekom - Wageningen via campus WUR

In Ede wordt het tram-tracé mede bepaald, door het tracé voor de verbeterde Valleilijn. Ondertunneling van het bestaand tracé, met verruiming van de bochten, lijkt de beste optie. Een oostelijk tracé is ook denkbaar, in tunnel onder de doorgaande noord-zuid route Raadhuisstraat / Klinkenbergerweg, met een station bij het Raadhuis zelf.

Klik om te vergroten: Spoorlijn door Ede centrum in tunnel, met nieuw station…

Verplaatste spoorlijn door Ede centrum in tunnel, met nieuw station

De tramlijn naar Wageningen zou beginnen bij het nieuwe Station Ede-Centrum, of iets ten noorden daarvan. Een tracé dat begint op de kruising Molenstraat / Raadhuisstraat kan beide mogelijke stations-locaties bedienen. De tram zou dan de Molenstraat volgen tot aan de Bibliotheek, met een halte op de Markt.

De lijn draait om de Bibliotheek, en volgt de Telefoonweg naar de kruising met de huidige spoorlijn. Omdat deze sowieso verdwijnt (in tunnel of verplaatst), kan de tramlijn rechtdoor naar de Nieuwe Stationsstraat. In deze smalle straat moeten misschien enkele panden wijken (niets van historische waarde). Er komt een halte op het Museumplein (het museum zit overigens in het oude stationsgebouw). De lijn gaat rechtdoor, over de Stationsweg, naar Station Ede-Wageningen. Er komt een halte bij de Beukenlaan, en misschien ook bij de Kazernelaan (in oranje op de kaart).

Klik om te vergroten: tram van Ede-Centrum naar Intercitystation…

Tramlijn Ede - Bennekom - Wageningen, tracé door Ede

De tramlijn zou een halte krijgen onder dit station, waarschijnlijk op de plek van de huidige voetgangerstunnel. (Het station zou na de bouw van de HSL naar Wageningen ‘Ede-Intercity’ moeten heten). Verder volgt de tram de Oude Bennekomseweg en de Bennekomseweg, naar de A12, met een halte bij de Zandlaan. (Een halte bij Congrescentrum De Reehorst is mogelijk, maar deze ligt geen 400 m van het station).

In Bennekom kan de lijn de Edeseweg en de Bovenweg gebruiken. Alleen in het dorpscentrum is de ruimte krap. Een tracé over Kerkhoflaan lijkt het beste, mogelijk kan deze verbreed worden voor twee tramsporen. De Dorpsstraat blijft dan voetgangersgebied. De halte komt bij de Markt, precies in het centrum. Verder zou Bennekom een halte in het noorden krijgen (Vossenweg), en in het zuiden (Bosweg). Vanwege de halteafstand is een vierde halte denkbaar, bij de Acacialaan (in oranje aangegeven)

Klik om te vergroten: tram door Bennekom…

Tramlijn Ede - Wageningen door Bennekom

Aan het einde van het dorp gaat de Bovenweg over in de Grintweg. Hier zou de lijn draaien naar het westen, naar de Droevendaalsteeg. Dit is eerst een fietspad: na de kruising met de Mansholtlaan vormt het de ‘hoofdstraat’ van Wageningen Campus, van de Wageningen Universiteit en Researchcentrum.

De lijn draait vervolgens naar het zuiden langs de Bornsesteeg, en kruist de ringweg (Nijenoord Allee) naar de Churchillweg. Het volgt deze straat ‘naar beneden’, een nauwelijks zichtbaar afdaling van nog geen 10 meter. Er komen haltes bij Nijenoord Allee / Tarthorst, bij de Dolderstraat, en bij het nieuwbouwproject Mouterijenoort. De lijn bereikt vervolgens de Lawickse Allee, de oost-west route door Wageningen, met een halte bij het busstation (Stadsbrink). In totaal krijgt de tram zes haltes binnen de bebouwde kom van Wageningen.

Klik om te vergroten: de tram vanuit Ede en Bennekom loopt door Wageningen, naar een HSL-station op de HSL naar Nijmegen…

Tram Ede - Bennekom - Wageningen, en station op HSL naar Nijmegen

De tramlijn zou de Lawickse Allee nog 600 m volgen, naar het station op de voorgestelde hogesnelheidslijn Amersfoort – Wageningen – Nijmegen. Dat betekent dat het over deze 600 m ook boven de voorgestelde regionale spoorlijn Arnhem – Tiel rijdt.

De tramlijn wordt 12 km lang, de reistijd zou iets minder dan 40 minuten moeten zijn. De meeste reizigers zullen niet over de hele lijn rijden, maar vooral tussen stations en huis / werk/ opleiding.

Tramlijn Ede – Wageningen

Verbetering Valleilijn Amersfoort – Ede

Dit voorstel voor de Valleilijn is bedacht samen met de voorgestelde spoorlijn Veenendaal – Ede, waarop een regionale dienst Utrecht – Veenendaal – Ede zou rijden. Het kan echter los daarvan uitgevoerd worden, en is ook verenigbaar met het alternatief, herstel van de spoorlijn Rhenen – Betuwe. In beide gevallen wordt Station Ede-Wageningen eindpunt van ‘Utrechtse’ en ‘Gelderse’ regionale treinen, en blijft ook Intercity-station. Verbetering van de Valleilijn uit Amersfoort is een logische stap, om drie regionale diensten op elkaar aan te sluiten. Het zal de centrumfunctie van Ede ook versterken.

Het voorstel omvat het viersporig maken van de lijn van Amersfoort naar Terschuur, inclusief het nieuwe Station Hoevelaken. Dan volgt een nieuw lijngedeelte naar Barneveld, met een nieuw station Barneveld-Noord (echt in Barneveld ditmaal), en dubbelsporige uitbouw tot aan Ede, met ondertunneling in Ede zelf.

De huidige 34-km ‘Valleilijn’ ontleent zijn naam aan de Gelderse Vallei, maar is niet als één geheel door de Vallei gebouwd. Het bestaat uit een deel de Oosterspoorweg (een internationale lijn gebouwd in 1876), en een deel van de lokaalspoorweg Nijkerk – Ede (1902), bekend als de Kippenlijn. De lijnen kruisten elkaar ten noorden van Barneveld. In 1937 werd de Kippenlijn daar op de Oosterspoorweg aangesloten, en de treinen reden voortaan Amersfoort – Barneveld – Ede. De ontstaansgeschiedenis is nog zichtbaar. Van Amersfoort naar Barneveld-Noord rijden de treinen 17 km over een dubbelsporig lijn, geschikt voor 130 km/u. Het station Barneveld-Noord ligt op de verbindingsboog – niet in Barneveld, maar aan de rand van het lelijke industriegebied De Harselaar. Daarna gaat de lijn 17 km verder door de dorpen, op enkelspoor, met maximaal 80 km/u. Bij Station Ede-Wageningen gebruiken de Valleilijn treinen een eigen perron, naast de lijn Utrecht – Arnhem.

Dat de lijn überhaupt nog bestaat, is te danken aan zijn functie als omleidingsroute: ook de ICE uit Duitsland rijdt door Lunteren, als er werkzaamheden zijn bij Utrecht Centraal. Toch is er voldoende bestaansreden voor een regionale lijn: het verbindt Amersfoort (142 00 inwoners, stadsgewest 280 000) met de stad Ede (68 000), met overstap richting Arnhem en Nijmegen (stadsregio 720 000 inwoners). De lijn bedient de dorpen Hoevelaken (10 000 inwoners), Barneveld (29 000), en Lunteren (12 500). Station Ede-Wageningen is ook overstappunt voor Bennekom (15 000 inwoners), en de universiteitsstad Wageningen (36 000). Frequente regionale treinen zouden ook het stedelijk vervoer in Ede faciliteren, met name tussen Station Ede-Wageningen en het centrum.

Voorgestelde stations in Ede

Station Amersfoort is het beginpunt van de huidige Valleilijn. Vanaf het station, tot aan de splitsing van de lijnen naar Amersfoort en Zwolle, is de lijn reeds viersporig (een station Meridiaan is in onderzoek, maar niet zeker). Na de splitsing draait de lijn naar het oosten: het moet worden uitgebouwd tot vier sporen. Een station kort na de splitsing lijkt niet zinvol: de woonwijk Rustenburg en bedrijventerrein De Hoef zijn gebouwd met de rug naar de spoorlijn. Een station aan de Amersfoortse Straat (vlakbij de A1-viaduct) is denkbaar, als het bedrijventerrein Valleipoort volledig in gebruik is. Het station bij Hoevelaken is met de dienstregeling 2013 in gebruik genomen, bij de bestaande viaduct aan de zuidkant van Hoevelaken (Stouteburgerlaan, iets meer dan een kilometer van de Dorpsstraat).

Klik om te vergroten…

Bij Terschuur begint het nieuwe tracé, dat naar het zuidoosten afbuigt: dat kan, zonder de natuurgebieden bij Kallenbroek aan te tasten. De lijn kruist de A30 ten zuiden van afrit 1, en bereikt de bebouwde kom van Barneveld. Het duikt in elk geval hier in tunnel, en loopt eerst ten zuiden van de Thorbeckelaan, en dan onder de Thorbeckelaan en de Burgemeester Kuntzelaan. Er komt een station bij de rotonde (kruising Thorbeckelaan met Troelstralaan en Schoutenstraat), een plek dat goed aansluit op het noorden en westen van Barneveld. In het centrum van Barneveld komt het nieuwe station onder de Burgemeester Kuntzelaan te liggen: er is daarvoor voldoende ruimte, eventueel met (minimale) sloop. Het nieuwbouw-tracé sluit vervolgens aan op de bestaande lijn, dat ook ondertunneld kan worden tot aan de Lunterseweg.

Dan volgt een rechte lijn door het agrarisch landschap van de Gelderse Vallei (intensieve landbouw). Van Meulunteren tot Lunteren, maakt de lijn een bocht om de beboste Veluwe-rand heen. Het tracé kan verschoven worden naar de westkant van Meulunteren (een buurtschap, geen dorp). In Lunteren zelf kan de lijn makkelijk uitgebouwd worden tot twee sporen, de overgangen vormen wel een probleem. Van Lunteren gaat de spoorlijn in een rechte lijn naar de noordrand van Ede.

In Ede vormt het bochtige tracé door het centrum een groot probleem. Een blik op de omgeving van de spoorlijn laat ook zien, dat de Gemeente Ede de lijn liever kwijt dan rijk is. Als dit tracé gehandhaafd moet worden, dan is ondertunneling en sloop de enige optie. Ook de kruising met de rondweg N224 moet ondergronds. De rode lijn op het centrum-foto is indicatief, maar geeft wel aan hoe het tracé verschoven moet worden. Vooral de nieuwbouw aan de oostzijde van de Markt en de Telefoonweg moet wijken.

Vanaf de kruising Beukenlaan / Maanderweg / Schaapsweg kan het bestaande tracé, een rechte lijn, gebruikt worden. Bij de bouw van een tunnel, kan het station Centrum ook naar het noorden verschoven worden, met de noorduitgang bij de Molenstraat. Dat laat de mogelijkheid open voor een tweede station, 800 m zuidelijk, aan het begin van het rechte stuk, bij de Beukenlaan.

Om ingrijpende werkzaamheden in het centrum te vermijden, is een alternatief tracé denkbaar: geheel in tunnel onder de doorgaande noord-zuid route Raadhuisstraat / Klinkenbergerweg. Het blijkt mogelijk om deze te verbinden met de lijn uit Lunteren, met minimale sloop.

Ook dit tracé kent de mogelijkheid tot twee stations, ongeveer bij het Raadhuis (dat boven de weg is gebouwd), en bij de Eikenlaan. Het laat ook de mogelijkheid open, tot verlenging in de richting Wageningen – maar een tramlijn Ede – Wageningen is waarschijnlijk de beste optie voor die verbinding.

De nieuwe lijn zal 31 of 32 km lang zijn, afhankelijk van het uiteindelijk gekozen tracé. Met slechts 5 tot 7 tussenliggende stations, en nieuw materiaal op een sterk verbeterde lijn, moet een reistijd van 25 minuten haalbaar zijn.

Verbetering Valleilijn Amersfoort – Ede